|
Artikel uit Grande, geschreven door Koen Sonck
Paardrijden in de Pyreneeën Op de vluchtroute van de Katharen
Voetje voor voetje zoekt mijn paard zich een weg naar boven. Geen beter vervoermiddel om de Pyreneeën te ontdekken dan authentieke paardenkracht, heb ik al snel begrepen. Vijf dagen lang zullen we samen over smalle bergpaadjes, door groene valleien en tussen besneeuwde bergtoppen trekken met als einddoel het mythische Montségur, het belangrijkste bolwerk van de Katharen.
We gaan spookrijden op de Cami dels Bons Homes zoals de vluchtroute van de Katharen in het Catalaans heet. Toen de Katharen begin dertiende eeuw op de vlucht moesten voor de Inquisitie deden ze dat richting Spanje, maar wij trekken van de Spaanse naar de Franse Pyreneeën. Daar zijn twee goede redenen voor. Montségur, de enige echte Katharenburcht, is voor veel Spanjaarden in de loop der eeuwen uitgegroeid tot een heus bedevaartsoord en dus is het logisch dat daar het einddoel van onze tocht moet liggen. En er is ook een niet te verwaarlozen logistieke verklaring: onze paarden staan gestald in Prullans, een onooglijk dorpje op het Catalaanse traject van de Katharenroute. De eerste dag hoeven we nog niet in het zadel. Eerst moet Matteu, onze gids voor de komende dagen, uitmaken wie op welk paard zal rijden. Een delicate opdracht, want het karakter van paard en ruiter mogen niet botsen. Na veel wikken en wegen wordt Loes Van Den Heuvel, ook van de partij, gekoppeld aan Magnum. Een vurig paardje voor de actrice die in De Kampioenen gestalte geeft aan de al even licht ontvlambare Carmen. Zelf krijg ik Ecler, een achtjarige schimmelruin, onder het zadel. "'t Is een Anglo-Arabier", zegt Matteu. "Intelligent en sterk, maar dat zal je wel merken."
Herder op motor
Onze eerste dag te paard wordt meteen de zwaarste. Negen uur zitten we vandaag in het zadel en met de Portea Blanca op het programma gaan we meteen over het dak van deze trektocht. "Elke dag is ietsje makkelijker", zegt Paul Coudenys van Hippotrek, de organisator van deze tocht. "Bewust. De tochten worden minder zwaar naarmate de vermoeidheid toeneemt. Niet zozeer bij ons, maar wel bij de paarden." Met al zijn rijervaring heeft hij Baldrick onder zich gekregen, een Anglo-Arabier die net zo graag op twee dan op vier poten loopt. "De eerste dag is het zowel voor paard als ruiter wennen aan elkaar", zegt Paul met een zucht als Baldrick nog maar eens heeft gesteigerd. "Na een paar uur ken je elkaar en begin je een band op te bouwen met je paard. Let maar op: het wordt moeilijk afscheid nemen binnen een paar dagen."
Hoe vurig sommige paarden op het vlakke ook mogen zijn, zodra de weg omhoog begint te lopen, hebben ze alleen nog oog voor het rotsige pad onder hun voeten. Ontroerend bijna hoe ze als echte berggeiten omhoog klauteren. Als ruiter kan je alleen hun last wat verlichten door recht in de stijgbeugels te staan en voorover te leunen. Soms gaapt een halve meter naast het pad al een steile helling of afgrond. Je kan alleen maar hopen dat ze geen misstap begaan en samen met jou naar beneden donderen. Maar hoe steil de bergwand ook is, mijn paardje aarzelt niet en klimt zelfzeker omhoog. Braaf beest, denk ik, met een schuin oog richting afgrond.
Lunchen doen we op de oevers van een bergriviertje. De paarden vastbinden hoeft niet eens: ver lopen doen ze niet. Grazen en rusten is het enige wat ze willen. Ze weten beter dan ons wat nog volgt: een steile klim over de Portea Blanca naar 2568 meter. Enkele tientallen meters gaat het over Andorrese bodem en dan zijn we al in Frankrijk. Het lijkt onwezenlijk, maar op deze eenzame hoogte komen we onze eerste bergkoeien èn herder tegen. Voorover leunend op zijn motor kijkt hij ons peinzend na. In zijn ogen zijn wij met onze paarden wellicht de schimmen uit een ver verleden.
Gescheurde zadeltassen
Nauwelijks de tweede dag en de tocht begint zijn tol al te eisen. Ecler verliest in één voormiddag maar liefst drie hoefijzers. Geen probleem voor Matteu echter: in een paar minuten is het schoeisel van mijn viervoeter weer opgelapt. Paul kijkt met meer dan gemiddelde belangstelling toe. "Ik heb jarenlang mijn brood verdient als hoefsmid", legt hij uit. "Drie jaar lang heb ik zelfs de wereld rondgereisd als hoefsmid. Alle contacten die ik toen overal ter wereld gelegd heb met mensen uit het paardenmilieu, zijn me later goed van pas gekomen toen ik met Hippotrek begonnen ben."
In de namiddag wagen we ons aan een eerste galopje. Door het veeleisende terrein zullen we het draven en galopperen tot een minimum moeten beperken, maar hier, op de mooie veldwegen richting Merens-Les-Vals, kan het even. Het Arabische bloed van mijn paardje begint meteen te koken. Hij wil naar voor, maar ik ben in laatste positie aan de galop begonnen en het is een ongeschreven regel onder ruiters dat je niemand nodeloos voorbij stormt. Ik herinner me de woorden van Matteu: "Intelligent en sterk." Juist ja: Ecler zwaait wild met zijn hoofd en ik heb alle moeite om hem in te tomen. Als we in Merens-Les-Vals bij onze gite d'étape aankomen, blijken mijn zadeltassen gescheurd te zijn. Wellicht een paar bochtjes te kort afgesneden onderweg
Eekhoorntjesbrood in het Toverbos
De volgende dag begint met een klim naar 1600 meter, maar de beloning boven mag er zijn. Het uitzicht van op het plateau is werkelijk adembenemend. Diep onder ons kunnen we nog net een stip zien: het vervallen Romaanse kerkje dat we bij het vertrek gepasseerd zijn. Het is nauwelijks te geloven dat je in enkele uren tijd zo'n hoogteverschil kunt overbruggen.
Elke dag is anders, moeten we toegeven. Klauterden we de eerste dag nog over rotsen en tussen besneeuwde bergtoppen, dan wandelen we nu door prachtig loofbos. "Het Toverbos zeggen de lokale inwoners", zegt Matteu en het is inderdaad sprookjesachtig mooi. Af en toe stoppen we even om eekhoorntjesbrood te plukken tussen de struiken. Vanavond zal de kok in onze gite d'étappe deze delicatesse met veel plezier voor ons klaarmaken. Het was meteen ook het enige op het menu wat voor de Katharen door de beugel zou hebben gekund. De leefregels voor Katharen die de handoplegging hadden ondergaan, de zogenaamde Parfaits, waren niet mals: geen vlees, geen zuivelproducten, geen bezittingen, geen eden zweren
Maar wat kan je anders verwachten van Christenen die menen dat de stoffelijke wereld niet door God geschapen is? Katharenroute of niet: wij laten voor de lunch gewoon champagne aanrukken.
"Afstappen!" klinkt het plots aan de voet van de steile helling. Ook deze ervaren paarden hebben hun grenzen. Als het te steil wordt, moet je afstijgen en zèlf klauteren. Meteen apprecieer je veel beter wat deze dieren al dagen lang voor je doen. Mijn hart klopt in mijn keel en ik snak naar adem terwijl ik me moeizaam naar boven hijs. Tot overmaat van ramp pakken zich boven ons dreigende onweerswolken samen pakken. De gite is gelukkig niet ver meer. Eenmaal boven gaat het in gestrekte draf richting Ascou La Forge, maar nat worden we toch nog. Enkele kilometers voor onze gite gaan de sluizen boven de Pyreneeën open. We laten het niet aan ons hart komen. Uitgeregend? Dan maar vodka als aperitief. Screw the Cathars.
Bijna echt Van Den Heuvel
De volgende ochtend blijkt hoe vermoeiend de tocht wel is voor de paarden. Vooral het paard van Loes heeft een slechte dag en lijkt te manken. "Spierpijn", oordeelt Matteu. "We zullen haar een inspuiting geven als we stoppen om te lunchen. Even later blijken er ook problemen te zijn met het paard van Paul. Het zo vurige paardje van de eerste dagen sleept zich nu naar boven. Als we halt houden bij een van de vele waterbakken, wil het niet drinken. Matteu neemt de huid van het dier tussen duim en wijsvinger en knikt als die rechtop blijft staan. "Uitdroging", zegt hij. "Ik vreesde het al. Het probleem is dat de paarden 's nachts onvoldoende recupereren. In plaats van te rusten zitten ze de hele nacht achter elkaar in de wei." Tijdens de lunch wordt uitgebreid de tijd genomen om de paarden te verzorgen. Magnum en Baldrick krijgen een inspuiting met zout en broodnodige materialen. Als we weer vertrekken, lijken ze al aardig hersteld. Maar goed ook, want het worden nog zware uren. Tijdens een steile beklimming wordt het zelfs even spannend als we tegenover enkele Hollanders komen te staan die met enkele zwaar beladen ezels de col afdalen. Veel ruimte om te passeren is er niet op het smalle pad. Links is er de bergwand, rechts een steile helling naar beneden. Magnum, die toch al zijn dagje niet heeft, schrikt en neemt een sprongetje naar beneden. Later kunnen we er om lachen - "bijna was het echt Van Den Heuvel" - maar op het moment zelf slaat de schrik je toch even om het hart. Zijn het de prachtige velden vol Helleborus die ons het eerste uur tot meer stilte en ingetogenheid inspireren of zitten we allemaal nog aan dat ietwat hachelijke moment te denken?
Afscheid van een vriend
De laatste dag begint met een fikse afdaling door de gorge de Frau. Goed achterover leunen is de boodschap en je paard zelf zijn weg laten zoeken. En genieten van de prachtige natuur uiteraard: in deze smalle kloof wemelt het van de vlinders en de bloemen. We hebben slechts enkele uren voor de boeg voor we aan de voet van Montségur komen, maar eerst moet nog een kanjer van een helling overwonnen worden. In nauwelijks vijftig minuten klimmen we van 600 meter hoogte naar 1600 meter. Om de vijf minuten moeten we even halt houden om de paarden op adem te laten komen. Ecler, de hele tocht al in uitmuntende conditie, ademt zwaar. Gelukkig is Montségur niet ver meer en voor de paarden is er goed nieuws: de laatste 150 meter naar de burcht zullen we zonder hen moeten beklimmen. Nochtans wàren er tijdens de middeleeuwen paarden in Montségur. In het bergpad naar de muur zijn trappen en versterkende muurtjes aangebracht die de paarden de klim naar boven gemakkelijker moesten maken, maar de vele toeristen die zich anno 2002 naar boven hijsen maken een beklimming te paard onmogelijk. De paarden worden op de vrachtwagen geladen en ik moet Paul uiteindelijk gelijk geven: het afscheid valt me moeilijker dan verwacht.
De schat van de Katharen
Het heeft iets macaber: picknicken op een plek waar meer dan 200 Katharen op de brandstapel zijn gestorven. "Camp das Cramatch" of "Veld der Verbranden" heet het grasveld aan de voet van de rots waarop de burcht van Montségur trots uittorent boven het Pays d'Olmes. Tot maart 1244 - meer dan 35 jaar na de afkondiging van de kruistocht tegen de Katharen door Paus Innnocentius III - heeft de burcht stand gehouden tegen zijn belagers. In de bossen tussen Montségur en de uitkijkpost op Roc de la Tour kan je nog enorme stenen kogels van meer dan 80 kilogram vinden die afkomstig zijn van de belegering. Ik vat de klim aan langs de minder steile zuidwestelijke zijde van de rots. Wat heet minder steil: na vijf minuten ben ik buiten adem, maar alleen volhouders bereiken de Katharenburcht. Iedereen die hier naar boven klimt, maakt zichzelf graag wijs dat de burcht op de top van de Katharen is - de enige die ze ooit zelf hebben gebouwd - maar in werkelijkheid werd deze burcht aan het eind van de dertiende eeuw gebouwd op de ruïnes van het Katharenbolwerk. Na hun overwinning in 1244 lieten de kruisvaarders geen steen overeind van de burcht die hen zoveel bloed, zweet en tranen had gekost. Wie echte Kathaarse overblijfselen wil zien, moet door de noordelijke poort terug naar boven lopen. Daar kan je nog de kunstmatig aangelegde terrassen zien waarop de houten woningen van de Katharen stonden. Ik werp liever een blik in de afgrond aan de noordzijde van de burcht. Want geloof het of niet: vlak voor de capitulatie in 1244 zijn enkele Katharen erin geslaagd om met touwen langs deze steile bergwand te ontsnappen. Hun schat hadden ze al enkele maanden eerder uit de burcht weten te smokkelen. Of is de schat van de Katharen toch maar een legende?
Koen Sonck
Paardrijden Pyreneeën Praktisch:
Verzekering:
Een reisverzekering is verplicht voor dit soort trektochten.
Rijvaardigheid:
Enige rijervaring is vereist. Op zijn minst moet je de drie gangen (stap, draf en galop) beheersen.
Ruiteruitrusting:
Je neemt best een ruiterbroek of jeans met mini-chaps mee. Hoge rijlaarzen laat je beter thuis: stapschoenen (botillons of Gore-tex schoenen) zijn veel comfortabeler voor de kilometers die je nààst je paard aflegt. Een hoed met brede randen en koordje beschermt beter tegen de zon dan een pet of ruiterhelm.
Andere reisbenodigdheden:
In de Pyreneeën kan je te maken krijgen met allerlei weersomstandigheden. Vergeet dus zowel je zonnecrème en lippenbalsem als je regenkledij niet. Ook een drinkfles mag niet ontbreken in je bagage.
Voor meer info:
Meer inlichtingen over deze en andere trektochten krijg je bij Xplore360°, Hippo-Trek, Natiënlaan 178, 8300 Knokke. Tel 050/61 17 85. Fax 050/62 75 05. Website: http://www.hippotrek.com E-mail: info@hippotrek.com
|